Artikelen

Kees van Tiggelen : Het gezin na de watersnoodramp van 1953

.
Gebruikerswaardering:  / 1
ZwakZeer goed 

Een paar herinneringen uit 1953 en later. De keuze is onvolledig, nogal willekeurig en anekdotisch maar wordt vast en zeker door anderen aangevuld of gecorrigeerd. Pa bijvoorbeeld classificeerde enkele details meteen in de categorie "Si Non Verum Bene Fictus Est". Een artikel geschreven door Kees van Tiggelen uit Etten-Leur.

 


 

Zaterdag 31 januari

Mama is in verwachting en moet de laatste maand rust houden. Ze ligt dag en nacht beneden in de achterkamer op bed. Maryan en Peter zijn op Heerle en gaan daar ook naar school. Ik ben thuis op de Halsterseweg. Er staat een zware storm en ’s avonds valt de elektriciteit uit. Ik mag bij papa en mama in bed slapen. Het interessantste is wel dat ik met de zaklamp mag spelen en daarmee merkwaardige figuren op het plafond teken.
Later in de nacht staat buurman de Ruijsscher aan de deur te rammelen en vertelt dat de polder ondergelopen is. Als het licht is geworden gaan we kijken en zien dat beneden, achter onze tuin, het water staat en dat daar de schuur van Verbeek met al zijn kalkoenen verdwenen is, weggeslagen door het water. Ons huis en onze tuin liggen op de rand van de “Brabantse Wal” en daardoor zo’n 5 meter hoger dan de polder. Als het later op de dag eb is geworden loop ik met Papa de polder in om naar de aangespoelde koeienkadavers en de kapotgeslagen boerenschuren te kijken. Plotseling komt de vloed weer opzetten en we moeten terug naar huis rennen.

b_150_0_16777215_00___images_image_watersnood_amfibie_groot.JPGDe week daarop leren we op school nieuwe woorden: “watersnoodramp” en “helicoptère”, een nieuw uitgevonden vliegtuig van het Belgische leger dat loodrecht kan opstijgen en landen. We zien amfibievoertuigen van het Franse en Amerikaanse leger voorbijkomen, rechthoekige stalen boten die over de weg kunnen rijden.

Op een dag rennen alle kinderen snel de school uit: Prins Bernhard stapt uit een helicoptère om de ramp te komen bekijken. Weken later komen er op school dozen vol speelgoed uit Canada aan en krijg ik een dinkey-toy raceautootje, ik heb het nog. Alle kinderen krijgen speelgoed hoewel op onze school niemand verdronken is en maar heel weinigen schade hebben geleden, of zelfs maar speelgoed zijn kwijtgeraakt. Als zesjarige heb je nog geen idee wat een ramp van dergelijke omvang betekent, hoewel je natuurlijk wel toestanden en aantallen op de radio hoort en foto’s in de krant ziet. De meeste indruk maakten de krantenfoto’s van kapotte huizen. Televisie bestond toen nog niet.

Later zijn we ook wel met oom Louis, die veearts was en een auto had, bij eb naar Tholen gereden en heeft onderweg veel verwoesting gezien. De terugweg was spannend: met het Volkswagentje door het water gereden en aangenomen dat de weg midden tussen de rijen bomen moest liggen. Jaren daarna had ik nog geen trek om mee te gaan op de zondagse fietstocht als die naar Halsteren of Tholen ging, Heerle of Huybergen waren meer in trek want lagen hoger.


 

Vrijdag 27 februari

b_150_0_16777215_00___images_image_watersnood_baby.jpgMerkwaardig genoeg heb ik aan jouw geboortedag geen herinnering. Was ik misschien ook op Heerle en heb de ooievaar niet zelf gezien?

{mospagebreak title=Zinken teil}

Zinken teil

Huizen in die jaren, en ook het onze, hadden een keuken, daarachter een eerste bijkeuken waarin de fietsen en de wringer stonden, daarachter de tweede bijkeuken, daarachter nog een rommelschuurtje en dan een kolenhok. In de tweede bijkeuken nu stonden een potkacheltje en de zinken teil. ‘s Zaterdagsmiddags werden op het potkacheltje ketels water heet gemaakt en in de zinken teil gekieperd, waarop alle kinderen in bad werden gedaan. Na de verhuizing naar Zwijndrecht in 1959 hadden we een douche met heet water. De zinken teil staat nu in mijn achterste rommelschuurtje.

{mospagebreak title=Het Eitje}

Het Eitje

Boven in de overloopkast stond een grote kartonnen doos met het opschrift: Handelsonder-neming R.S.Stokvis N.V. Daarin zat Het Eitje! Een keer heeft Pa de doos tevoorschijn gehaald, in de tweede bijkeuken uitgepakt en ontlokte na wat prutsen gebrul, stank en rookwolken aan het eitje, tot afgrijzen van allen. Er werd daarna een advertentie gezet in “Dagblad de Stem” en vervolgens werd het Berini-eitje aan een man verkocht die het op zijn fiets monteerde. Papa had het eitje met een prijsvraag gewonnen maar kon er niet toe komen het op zijn eigen voorwiel te zetten. Als er dan toch gemotoriseerd moest worden dan meteen een auto.


 

Wetenschap 1

b_150_0_16777215_00___images_image_wetenschap_schommel.jpgEen onschuldig experiment beschrijf ik eerst. Bij de fietsenmaker had ik gezien dat je door stroom in een dynamo te sturen dat ding ook als elektromotor kon gebruiken en een fietswiel kon aandrijven, zonder de stank en het lawaai van het legendarische eitje. Dat moest dan wel de juiste soort stroom zijn en, dat was nu het idee, waar kon je die nu simpeler vandaan halen dan uit een andere dynamo? Met vereende krachten sloopten we de dynamo van Ma’s voorwiel en monteerden die erbij op Pa’s voorwiel. De elektrische verbindingen werden gemaakt. En nu zou het moment suprême komen: een klein rukje aan dat voorwiel en de stroom uit dynamo 1 zou dynamo 2 voeden. Die zou via het voorwiel dynamo 1 weer aan-drijven met als gevolg dat het wiel ten eeuwigen dage zou blijven draaien. Het is jammer dat we het begrip perpetuum mobile nog niet kenden, anders hadden we het zeker zo genoemd. Helaas, de tweede hoofdwet van de thermodynamica zorgde ervoor dat Ma niet eeuwig op haar dynamo hoefde te wachten.


Wetenschap 2

Het tweede experiment is veel interessanter maar ik voorzag bezwaren van onwetenschappe-lijke aard van Pa en Ma. Een voordeel was dan weer dat er geen fiets voor nodig was, dus kon er een zondagmiddag voor genomen worden waarop de anderen op familiebezoek waren. Ik had met Sinterklaas “Het Jongens Elektriciteit Boek” gekregen waarin werd beweerd dat elektrische stroom werd veroorzaakt door met hoge snelheid in koperdraad rondstromende elektronen en, wat ik zeer merkwaardig vond, dat nog nooit iemand een dergelijk elektron aanschouwd had. Dat moest toch zo moeilijk niet zijn! Het volgende experiment werd daartoe bedacht: Wanneer tegelijkertijd van links en van rechts twee golven elektronen een koperdraad instormen zullen die elkaar in het midden tegenkomen, kunnen dan nergens meer heen, breken dus de draad uit en worden zichtbaar. Van een verlengsnoer werd aan één kant de contrastekker vervangen door een stekker. Jij aan de ene kant van de huiskamer voor een stopcontact, ik aan de andere kant. Niet met je vingers aan de pennen komen! 3, 2, 1, 0, já en de stekkers erin. Niets! Nog eens. Uit mijn stopcontact een fikse vonk en het licht viel uit. Snel een nieuwe stop ingedraaid en gelukkig het experiment gestaakt. Het kwam natuurlijk toch uit wat er gebeurd was en iedere keer dat Papa en Mama ons alleen moesten laten werd mij toegevoegd: “En niet experimenteren hé!”.


 

Kofferbak

Op een zondag in 1960 fietsten Pa en Ma vanuit Zwijndrecht 70 kilometer op en neer naar Fijnaart en regenden daarbij behoorlijk nat. De week daarop startte Pa met rijlessen en na en-kele examens werd er van Theo Donkers van de Wifra een Volkswagen overgenomen. Zwart, model 1954 met een klein ruitje achter en bijzondere richtingaanwijzers: de raampjes moesten openstaan en op signaal van Pa stak een van ons links of rechts de arm naar buiten en peuterde dan zo nodig het richtingaanwijzerarmpje eruit, het motortje weigerde namelijk meestal.

b_150_0_16777215_00___images_image_kofferbak_kever.jpgWanneer Mama en Erik ook meegingen moesten we er met zijn zevenen in en dan gingen de twee kleinsten achter de achterbank in de kofferbak, met de rug tegen de zijkant en de voeten naar elkaar. Als het mooi weer was op zondag werd er eerst “een tientje super” getankt en dan gingen we naar het strand in Rockanje, naar de Zoo in Antwerpen, naar het Liesbosch, de Veluwe of zomaar een stad in Nederland bekijken.


 

Tandarts

In Bergen op Zoom was vroeger 1 tandarts, tandarts de Ruijter, die ook nog telefoonnummer 1 had. In mijn herinnering was zijn behandelkamer donker, je werd in een donkere houten stoel gezet waarop de tandarts met krachtige bewegingen de naar zijn mening overbodige tan-den en kiezen uitrukte. Later werd hij subtieler, ik kreeg een beugel om de resten van het hem onwelgevallige gebit in het gareel te krijgen. Die beugel zat het comfortabelst als ik hem in mijn broekzak droeg, hij vond later dan ook een tragisch einde in de wringer bij de wekelijkse was.


 

Kamperen

b_150_0_16777215_00___images_image_vakantie.jpgIn 1961 werden er tenten gekocht en een imperiaal voor boven op de Volkswagen. In de eer-ste week van de zomervakantie gingen Papa, Kees van Boesschoten, Maryan, Peter en ik kamperen in de Ardennen. Mama zag er niet veel in en bleef thuis. Na een week kwamen we met enthousiaste verhalen thuis en liet ze zich overhalen. Zo zijn we toch nog een week naar Oostvoorne gegaan. Daarvan herinner ik me vooral de regen. Ondanks die regen zijn we eigenlijk allemaal kampeerders gebleven.


 

Fotografie

b_150_0_16777215_00___images_image_fotografie_1-ikoflex.jpgIn 1939 kreeg Pa als verlovingsgeschenk van Ma een Agfa-box, een 6x9 rolfilmcamera met fix-focus lens. Hij heeft van de families Pijs en Plevier heel wat foto’s gemaakt en de foto’s van de bevrijding van Heerle die in het boek over de Heerlese geschiedenis staan zijn door hem gemaakt. De familiefoto’s in dit stukje zijn natuurlijk ook van hem. In 1963 vond hij de kwaliteit van de fixed-focus niet genoeg meer en kocht hij een Lubitel, een Russisch facsimile van de bakelieten Voigtländer Brillant uit 1938 met een heel aardige lens die je echt kon scherpstellen. Na een paar jaar wilde ik wat beters en tikte een Zeiss Ikon Ikoflex 1c 6x6 twee-oog-reflex op de kop met statief en lange draadontspanner.b_150_0_16777215_00___images_image_fotografie_2.jpg


 

Pijp

De rookgewoonten thuis waren simpel: roken doe je met een pijp en vrouwen roken dus niet! Peter onttrok zich hieraan, hij draaide shag. Toen Yvonne verscheen was ook de tweede voorwaarde verdwenen. Kees Ouwehand was weer een degelijke pijproker hoewel hij ook wel eens met een sjekkie of sigaar betrapt werd. Twee jaar geleden heeft Pa als laatste van de vier de pijp weggelegd.


 

2003

Bijna twee generaties verder zijn we nu. De oudste kleinkinderen zijn niet zoveel jonger dan Pa in 1953 was. Mama is de afgelopen zomer gestorven. We zijn allemaal gesetteld. De idee-ën uit 1968 zijn nagerijpt. De volgende generatie is het al aan het overnemen.